​Het zal veel ondernemingsraden zijn ontgaan, maar in 2020 is eindelijk de ondersteuning van de medezeggenschap in wetgeving opgenomen. Helaas (nog) niet in de WOR, maar wel in de WMCZ (Wet Medezeggenschap Cliënten Zorginstellingen). De nieuwe WMCZ stelt dat cliëntenraden recht hebben op onafhankelijke ondersteuning.

Onafhankelijke positie ambtelijk secretaris

Als ambtelijk secretaris medezeggenschap en tevens lid van de cliëntenraad van een zorginstelling vroeg ik me af wat het ‘onafhankelijk’ in deze wetgeving inhoudt. In de memorie van toelichting op de wet kwam ik het volgende tegen:

‘Als een secretaris in dienst is van de instelling, hoeft dit geenszins te betekenen dat geen sprake is van onafhankelijke ondersteuning. Bepalend is op welke manier de secretaris zijn taak uitoefent.’

Dat legt nog al wat verantwoordelijkheid bij de ambtelijk secretaris in kwestie. Hoe hij de taak uitoefent bepaalt dus of aan de wet wordt voldaan!  Bedenk daarbij dat in de zorg de ambtelijke ondersteuning van cliëntenraden minder sterk is ontwikkeld dan de ondersteuning van OR’en. Kortom: hoe gaan cliëntenraden in zorginstellingen om met deze ‘onafhankelijkheid’?

Een aspect dat niet wordt genoemd in de memorie van toelichting is de onafhankelijke positie die de ambtelijk secretaris inneemt ten aanzien van zijn cliëntenraad. In de jaren dat ik actief was binnen VASMO )* ben ik vaak problemen met beide vormen van (on)afhankelijkheid tegengekomen. Vaak vallen ambtelijk secretarissen hiërarchisch onder P&O / HRM of een bestuurssecretariaat. En het lukt een hiërarchisch leidinggevende niet altijd om de kwaliteit van de ondersteuner los te koppelen van de kwaliteit van de medezeggenschap. Maar, minstens zo belangrijk, hoe gaat een OR of CR om met adviezen van de onafhankelijk ondersteuner?

Ik werd een keer overvallen door de bestuurder met de opmerking: “Wat jij nou weer de OR hebt geadviseerd, daar klopt niets van”. Hij doelde op een advies dat ik namens de OR had geschreven, maar dat juist sterk afweek van hoe ik de OR had geadviseerd. Hier kwamen beide (on)afhankelijkheden samen. De OR besloot mijn onafhankelijk advies over hoe te adviseren niet over te nemen. De bestuurder beoordeelt mij vervolgens op een OR-advies waarvan hij aanneemt dat het uit mijn koker komt.

Onafhankelijkheid borgen

De wet en de memorie van toelichting zijn duidelijk: cliëntenraden kunnen niet eisen dat hun ondersteuners onafhankelijk zijn in de betekenis dat zij extern ingehuurd dienen te worden. Wel zou ik cliëntenraden (en ook OR’en en andere medezeggenschapsorganen) adviseren om expliciet afspraken te maken over het borgen van de onafhankelijkheid van de ondersteuner. Hij dient, vooral als het om een solistische functie gaat, coaching, supervisie of intervisie te krijgen.

Inzet via detacherings- of uitzendbureaus

Tot slot: het is geen garantie, maar onafhankelijkheid zou mijns inziens gediend zijn door inzet van medezeggenschapsondersteuners via aparte detacherings- of uitzendbureaus. Dat zou mogelijk regionaal georganiseerd kunnen worden (shared services van en voor zorginstellingen in een regio). Voordeel is dat ondersteuners daardoor contact met collega’s hebben via zo’n bureau en daar hun netwerk met collega’s hebben. Én er ontstaan mogelijkheden voor carrièrepaden en jobrotation.

 

Onze leergangen ambtelijk secretaris cliëntenraad en ondernemingraad